Uit den ouden doosch, Roskilde 2001

Teruggevonden op de wayback machine, een recensie die ik ooit heb geschreven van het Roskilde festival in 2001 voor de website van de legendarische discotheek Pam Pam, die overigens toen al Swingcafe Nobody heette. Helaas zijn de plaatjes niet meer te vinden…
Aldus:

Roskilde 2001

Aah, Roskilde… Waarschijnlijk het meest internationale festival van Europa, met festivalgangers uit Denemarken, Noorwegen, Zweden, Finland, Polen, Duitsland, Australie, Engeland en natuurlijk ook nog zo’n kleine 2000 festivalgangers uit Nederland. Tegelijkertijd is Roskilde waarschijnlijk ook het minst commerciële; festival en het meest milieubewuste festival van Europa. Het eerste merk je aan de prijzen, die in verhouding met de Scandinavische buitenwereld best redelijk zijn. Het tweede merk je bijvoorbeeld aan het statiegeld op de plastic bekers of het biologisch afbreekbare bestek dat je bij je eten krijgt. Maar wat is ‘t een teringeind rijden.
In totaal komen er op Roskilde ruim 100000 bezoekers waarvan 76000 betalend, de rest is vrijwilliger. Hiervan komen er al zo’n 15000 aan op de zaterdag/zondag voor het festival. Je moet er dus vroeg bij zijn wil je een fatsoenlijk stekkie op een van de campings hebben. Liefst natuurlijk op een redelijke afstand van een van de service-centres waar de kratten bier en andere voedingswaren tegen redelijke prijzen te krijgen zijn.

Stel je van die campings verder niet te veel voor, Het zijn gewoon grote grasvelden voorzien van diverse groepjes dixies (die overigens wel redelijk schoon worden gehouden). Geen luxueuze tenten met daarin douches zoals op Lowlands, er zijn welgeteld 2 (ja, je leest het goed: TWEE!) plekken op het hele festivalterrein waar je je tegen een vergoeding warm kunt douchen. Voor iedere ‘camping’ 1 (East en West). Ach, na een paar dagen ruik je het toch niet meer. Zeiken kun je overal en dat wordt dan ook overal gedaan, ook door diegenen van het ‘zwakkere’ geslacht.

Afijn, woensdag’s komen we dus na 11 uur rijden, 1 politie-controle (Neem GEEN hier ‘gedoogde’ substanties mee naar het buitenland, in de 3 jaar dat ik nu naar Roskilde ga zijn we 2x gecontroleerd waarvan 1x met een hashhond), 1 uur bootzitten en 1 uur strandzitten aan. Na een beetje zeuren mogen we toch op het camper-terrein staan met ons busje waar we onze bungalowtent tegenaan zetten, die dag is er nog niets te doen afgezien van het campingfestival op de West-camping. Aangezien we hier ongeveer 3 kwartier lopen vanaf zitten (het festival-terrein is nog niet open en dus zullen we er omheen moeten) zien we hier maar van af en bouwen ons eigen feestje met het uit Nederland meegebrachte bier wat na die dag al weer half op is… ‘s Avonds lopen we ook nog even over de Oost camping langs het provisorische winkelstraatje dat daar is opgezet en waar je de standaard festival-prullaria kunt krijgen. Hier stuiten we ook op de eerste medelanders in den vreemde, 2 Hagenezen, die al vanaf zaterdag op de camping aanwezig zijn. Aangeschoten als ze zijn proberen ze een partytent te verkopen die eigenlijk het woord partytent niet meer waard is, 2 geknikte stokken zijn alles wat er nog van over is. Het is en blijft raar volk, die Hagenezen…, ook in het buitenland.

Eindelijk, Donderdag, de dag dat het festival eigenlijk begint. Om 17.15u begint het festival met een korte herdenkingsceremonie voor de 9 personen die een jaar eerder zijn omgekomen. Wij missen dit evenwel doordat we te laat zijn en maar direct naar de Green stage lopen… Om 17.45u is het dan eindelijk zover, de eerste band begint te spelen:

The Flaming Sideburns

5 Finnen die een behoorlijk potje muziek met een flinke hoeveelheid ouderwetse Rock ‘n’ Roll invloeden op het podium zetten. Het is allemaal wel aardig maar niet genoeg voor mij om de Deftones te missen. Daar die niet veel later op het Orange stage optreden verlaten we halverwege het optreden de tent.

Deftones

Chino en de zijnen staan al om 18.30u gepland op het Orangestage (het hoofdpodium). In tegenstelling tot Waldrock 2 dagen later wordt er hier wel een fatsoenlijke show van ruim een uur gegeven, de band heeft er ook duidelijk zin in en staat zeer bedreven te spelen voor het 50000 koppig publiek. Duidelijk op de schermen is de vinger te zien die Chino enkele dagen later een hoop problemen gaat bezorgen. Wat mij nog steeds opvalt is hoeveel de Deftones (zeker met het werk van White Pony) lijken op the Smashing Pumpkins. Op ongeveer 3 kwart van het concert de verrassing van de avond: tijdens ‘Passenger’ van ‘White Pony’ komt Maynard James Keenan van Tool on stage en doet samen met de Deftones dit nummer waarbij de stijl van Tool weer duidelijk te horen is in de door Maynard gezongen gedeeltes. Hier wordt het eigenlijk pas echt duidelijk hoe kenmerkende de stem van Maynard is voor Tool.
Ondanks de wat stevigere muziek die de Deftones brengen is er niet echt sprake van een pit, crowdsurfen is hier al helemaal uit den boze na het voorval van 1 jaar terug en de security is extreem alert op wat voor ongeregeldheden dan ook.

Na de Deftones lopen we naar de Green stage alwaar Placebo aan ‘t spelen is. Aangezien ik niet zo’n Placebo liefhebber ben laten Hans (die van dat naamplaatje op de bar in het stiltecentrum) en ik de anderen maar alleen bij de tent om te gaan genieten van 1 van de niet-muzikale redenen om naar Roskilde te gaan… Een Rodeo. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Lowlands heb je op Roskilde niet om de 100 meter een frietkot staan. Het eten op Roskilde is een stuk gevarieerder en ook de vegetarische medemens is zelfs nog een stuk beter af dan op Lowlands dat ook al een behoorlijk aanbod heeft. In dit geval bestaat er overigens geen vegetarisch alternatief, wat ook erg moeilijk is omdat een Rodeo bestaat uit een half stokbrood met salade en stukjes rundvlees van ‘t spit. (De koe hangt overigens rustig z’n rondjes te draaien aan ‘t spit achter in de tent) Gedurende het festival zullen we bij deze eettent nog meerdere malen terugkomen.

Om 22.30u is het dan zover, de band die 1 van de redenen was waarom ik naar Roskilde ging:

Tool

Het is Tooltime en hoe!!!
Gvdtyfusteringfuck wat een show. Deze band weet hoe ze een show moeten geven en mogen wat mij betreft gerust de Pink Floyd van de metal genoemd worden. Grotendeels werk van het nieuwe album Lateralus afgewisseld met wat nummers, waaronder Sober, van het oudere werk.

TOOL rules!
TOOL rules!
TOOL rules!

Zoals onze oudere jongeren zouden zeggen: “Tjeemig de Peemig”… Wat een show. ruim 1,5 uur visueel en muzikaal geweld van de bovenste plank, hier hoef je niet meer woorden vuil aan te maken en dat zal ik dan ook niet meer doen. Als je niet begrijpt wat ik bedoel, dan moet je ze maar een keer gaan bekijken als ze weer ‘ns in de contreien zijn. Als het festival nu al voorbij was geweest was ik waarschijnlijk niet echt gaan klagen, maar het is nog niet voorbij, het duurt nog 3 dagen.

Na het concert van Tool slenteren we nog wat rond over het terrein voor de Orange stage en lopen de gitarist van Green Lizard tegen het lijf. De bandleden zijn gratis cd’tjes aan het uitdelen ter promotie van hun optreden op de zondag. Hij is er kennelijk verbaasd over dat hij alweer Nederlanders tegen het lijf loopt (Tja, dan moet je geen gratis cd’s gaan uitdelen). Ze zijn pas die dag aangekomen en konden nog net het optreden van Tool meemaken. Op de vraag hoe ze op Roskilde zijn terecht gekomen antwoordt hij dat ze op Noorderslag waren “ontdekt” door scouts van Roskilde en zo rond april waren gevraagd om te spelen op Roskilde. Tijd voor meer vragen hebben we niet want hij wordt “bruut” weggetrokken door Remi die vindt dat dit niet opschiet. Die Hollanders komen toch al op het optreden, die zieltjes zijn al gewonnen…

Vrijdagochtend… TRAUMAAAAAAAAAAAAAAAAAAA!!! Wakker worden met Schubert… Nog zo’n nadeel van op een camperterrein staan: Er is een (auto)radio voorhanden waarop dit soort wangedrochten kunnen worden gedraaid…
Maar dit laten we maar snel achter ons als we naar het festivalterrein lopen, wat ons weer opvalt onderweg naar het festivalterrein is de hoeveelheid politie die aanwezig is. Aanzienlijk meer dan voorgaande jaren, allemaal ten gevolge van het jaar ervoor. Wat ook opvalt zijn de mensen in ‘roze’ jurkjes die aan de ingang staan en iedereen een knuffel geven voor ze het festivalterrein oplopen. Maar dan is het tijd voor de eerste Nederlandse act van het festival:

The Gathering

De band was vorig jaar al op Lowlands te zien maar viel toen (naar mijn mening) tegen. Het was gewoon een slap optreden vergeleken met dit concert. ‘t Lijkt alsof de band vindt dat ze er wat speciaals van moeten maken nu ze als afsluiting van de ‘If Then Else’ tournee op Roskilde staan. Ze hebben er dan ook echt zin in met als stralend middelpunt Anneke die overigens denkt dat we nog niet wakker zijn, alsof we nog zouden kunnen slapen bij dat volume. De stijl van de band is de afgelopen jaren behoorlijk de symfonische kant op gegaan waar je mij trouwens niet over zult horen klagen. De fans van het oudere werk zullen het (helaas voor hen) moeten doen met het standaardwerkje ‘Strange Machines’. De stem van Anneke komt naar mijn mening ook beter tot z’n recht bij het nieuwe werk, waar de lange uithalen van haar stem prachtig overvloeien in de wat meer atmosferische klanken waar het nieuwe werk uit bestaat. Samen met de bewegende lichtshow wordt er een spetterende show neergezet die helaas al na iets minder dan 1,5 uur is afgelopen. Net zoals al eerder vermeld bij de review van het Rock Am Ring festival verzamelen de Nederlandse festivalgangers in den vreemde zich bijna altijd bij de nederlandse bands, iets wat we later ook bij Green Lizard zullen zien. We zijn er dan ook door omringd, met links voor ons de prominente vlag van de Frysian Partyzone...

Burning Spear

Al zo ongeveer een kwart eeuw een legende in Reggae-land, echter het komt er niet helemaal uit deze keer. De man is niet geïnspireerd en heeft er dan ook niet veel zin in. Af en toe lijkt het of de vonk dan toch nog zal overspringt maar die hoop wordt weer snel de grond ingeboord.

Beck

Wat valt hier nou van te zeggen. Onbeschrijvelijke stijl, nergens echt onder thuis te brengen behalve onder Beck… ‘t is de tweede keer dat ik ‘m nu live zie en ik weet nog steeds niet wat ik er van moet zeggen. Soms is het leuk, soms is het boring, soms swingt het de pan uit en soms stroperig. De kerel en z’n band hebben gewoon een onbeschrijfbare stijl met de meest vage invloeden. Toch eigenlijk wel leuk.

En dan is het vrijdagavond 22.30u. Tijd voor ‘ouwe lullen’ muziek. Meer dan 30 jaar geleden stond deze Canadees met 3 vrienden op Woodstock. Vanavond staat hij met z’n band op Roskilde:

Neil Young & Crazy Horse

Net als Brood een voorbeeld van het spreekwoord “Rock ‘n’ Roll will never die” alhoewel dat in Brood z’n geval 3 dagen na het schrijven van deze review niet meer opgaat… ‘t is dat ik toch iets meer een aanhanger van het hardere werk ben anders had ik gezegd dat dit het hoogtepunt van ‘t festival was. Een rasartiest met een stel topmuzikanten er omheen die er allen enorm veel zin in hebben en dat ook nog ‘ns uitstralen op ‘t publiek. Aangezien de zondag de gratis dag is voor de 50 plussers, had ik verwacht deze band op zondag te zien en niet op vrijdag voor een gemiddeld wat jonger publiek. Weinig bekend werk voor mij maar zo oud ben ik dan ook weer niet. De nummers worden soms net iets te lang opgerekt maar desalnietteplus een puik concert. Afsluiter is een lekker vet rockende versie van ‘Keep On Rocking In The Free World’ en dan zijn we ook al bijna 2 uur verder.

Na een middagje er tussenuit op het strand (er was ‘s middags niet echt iets bijzonders te beleven) togen we ‘s avonds zo rond achten naar

Bob Dylan

De kerel mag dan een legende zijn en voor die knakker in die jurk hebben opgetreden, aan dit optreden ontbrak het een en ander. Het straalde niet als u begrijpt wat ik bedoel. Waarschijnlijk komt de kerel ook niet tot z’n recht op een podium waar zo’n 50000 man naar ‘m kan kijken. Misschien toch iets meer voor een intiem klein zaaltje.

PJ Harvey

Volgens Roos het vrouwelijke sexsymbool van de Rock-scene, ik vind d’r een beetje spichterig (wat een woord), maar whatever… Dit klinkt in ieder geval een heel stuk beter dan de opa van hiervoor. Het straalt meer uit en klinkt ook een stuk beter. Aangezien we een beetje laat aankomen en geen zin hebben om ons een eind naar voren te wurmen door het overige publiek wat mij meestal kwade blikken oplevert vanwege m’n lengte, blijven we maar een beetje achteraan, iets buiten de tent staan. Dan maar even een (daar istie weer) Rodeo naar binnen werken en ‘t is bijna net zo perfect.

Robbie Williams

Mr. entertainer of the new century himself. Wat zich tijdens Bob Dylan al aankondigde zet zich nu echt door: regen. Maar Robbie laat zich daar niet door uit het veld slaan en geeft een, ik kan ‘t niet anders benoemen, perfecte show weg. ‘t Is niet m’n smaak maar entertainen kan de kerel wel.

Zondag, de laatste dag van het festival. Ben je ouder dan 50 dan mag je vandaag op vertoon van wat voor identiteitsbewijs dan ook gratis naar binnen, om even herinneringen op te halen aan vroeger, om nog even weer op te snuiven hoe zo’n joint ook alweer rook of om gewoon ‘ns even te kijken waar zoon- of dochterlief zo z’n vrije tijd mee doorbrengt. We beginnen de dag maar ‘ns met een lekker jong bandje uit Nederland:

Green Lizard

We zijn iets te laat en komen aan ‘t begin van ‘t tweede nummer de Yellow tent binnen. De tent zit goed vol, met een groot gehalte aan landgenoten. Wat is dat toch eigenlijk dat Nederlanders elkaar opzoeken tijdens optredens van Nederlandse bands. Hier barst het er ook al van. Afijn, het is een letterlijk daverend optreden dat ook goed wordt ontvangen door de ‘buitenlanders’. Ze hebben er duidelijk zin in. lekker potje ragguh van Nederlandse bodem en dan ook nog van de goede grond. Het duurt alleen even voordat Remi doorheeft dat ze niet in een Nederlandse tent staan te spelen. Het ‘dankjewel’ wordt dan ook niet altijd begrepen. De band is zichzelf goed aan ‘t promoten en het zou mij ook niets verbazen als ze nog op meer buitenlandse festivals zullen spelen dit jaar of de aankomende jaren. Aan het eind van het concert kom ik er achter hoe daverend het was en heb dan ook de rest van de middag een beetje last van piepende oren.

De rest van de middag, tot zo’n 18.00u brengen we door rond de ‘Roskilde Ballroom’ tent. Dit is het gedeelte van het festival waar de ‘wereld’muziek z’n plaats heeft en vage eettentjes met eten van over de hele wereld… Bands die in de ballroom tent spelen zijn bijvoorbeeld Tinariwen (uit Mali). Een potje van dat gejengel uit de Sahara etc. Het meerendeel van de mensen in de tent is hier overigens 40+. Rondom het grasveld dat naast de tent ligt, zijn een lading diverse eettentjes gevestigd waarbij de Surinamer bij Lowlands maar schraal afsteekt. Van Russische borsjt-prut tot Louisianaburgers met meegebakken hele pepers tot vegetarische spinazieburgers maatje 5x big Whopper, voor elk wat wils. Verder staan hier nog een stuk of 25 van die shopjes die je op ieder festival tegenkomt waarbij het opvalt hoeveel Nederlanders er onder de standhouders zitten.

Zo rond half 6 trekken we maar weer ‘ns in richting Green stage. Nog even langs een bekende tent van de meeste grote Nederlandse festivals: ‘La Cantina’ om onze tot voor kort regelmatige bezoeker ‘Martijn’ even de groeten te doen en dan verder richting:

Apocalyptica

Een quizje ken uw metal-klassiekers maar dan ook echt helemaal klassiek. Ze zijn hier in het Noorden behoorlijk populair en dat is ook te merken aan de drukte, het staat hier VOL, we kunnen de tent zelfs niet meer in en blijven dan maar een beetje buiten staan, daar is het ook nog met gemak te horen. Donderend komen de klassiekers van Metallica, Pantera, Sepultura etc. langs afgewisseld met eigen werk. Het klinkt alleen net even iets anders, alhoewel wanneer je je soms afvraagt hoe ze bepaalde geluiden uit die cellos krijgen en of ze niet stiekem een aantal muzikanten ergens achter een schermpje hebben staan. Het is alleen net zoals al bij het verslag van Waldrock beschreven staat, het begint na een uurtje wel een beetje eentonig te worden en dan begint de ‘Rodeo’ alweer behoorlijk te trekken…

20.00u, tjeemig, is het volk hier ineens spontaan aan de verjongingskuur gegaan… Overal rondom ons heen staan de pappies en de mammies met hun koters te wachten op

Aqua

Hier kan ik kort over zijn:
Aqua sucks!
Aqua sucks donkeyballs!

Elimineren die hap! Zelfs als vulling voor anders niet op te vullen uren zijn ze niet goed genoeg, dan maar stilte.
Ik blijf dan ook maar lekker in de buurt van de Rodeo-tent staan waarbij tijdens het verorberen van ‘weer’ een Rodeo spontaan een gedeelte van 1 van m’n kiezen afbreekt… Zo beroerd klinkt ‘t.

Langzamerhand wordt het tijd voor de afsluiter van het festival (tenminste wat voor ons de muziek betreft). Het festival gaat nog door tot ongeveer 06.00u in de ochtend met wat vage Deense bands. Maar zover is het nog niet, eerst komt Leif Skov (de Deense Jan Smeets) nog even aan ‘t woord om even iedereen te bedanken voor een perfect verlopen festival.
De afsluiter, de band die ooit op Werchter optrad na Lou Reed en hun concert opende met de zin: “He’s the disease, we are…”

The Cure

De band die vorig jaar al zou spelen op de 2e dag om 01.00u ‘s nachts. Door de ramp die zich toen tijdens Pearl Jam afspeelde voelde de band en de gehele Roskilde-organisatie zich niet in staat om het concert door te laten gaan. Speciaal voor Roskilde komen ze nu uit de studio voor het enige concert dat ze dit jaar geven. Dit was een van de bands waarvoor ik in 2000 al naar Roskilde ging, met een jaartje vertraging krijg ik ze dus alsnog te zien en te horen. Het eerste gedeelte van het concert bestaat voornamelijk uit nieuw materiaal van na mijn Cure periode. Opvallend voor mij is dat veel van dit werk best wel veel overeenkomsten heeft met werk van het album “Disintegration”. Het meest sferische album wat ze destijds hebben gemaakt en wat hen toen ook direct de benaming van ‘de nieuwe Pink Floyd’ opleverde. Het tweede gedeelte van het concert, dat in totaal zo’n 2 uur duurt bestaat uit het wat bekendere oudere werk en wordt afgesloten met een nummer dat ook nu nog wel te horen is in de benedenzaal van onze geliefde toko: A Forest. Een waardige afsluiter voor het festival en weer een band die ik van m’n wishlist kan strepen.

Terugkomend op de camping valt het op hoe leeg het hier al weer is. Echt verwonderlijk is dit niet aangezien veel van de mensen die hier komen er al bijna een week staan en vaak een terugreis voor de boeg hebben van meer dan 1 dag.
Maandagochtend, al met al weer een fantastisch festival achter de rug, nu nog alleen de terugreis die door alle oponthoud, waaronder 2,5 uur wachten bij de boot en het inmiddels traditionele verdwalen op minder dan 30 kilometer van huis, ruim 15 uur zal gaan duren…

Het volgende verslag van dit festival zal geplaatst worden ergens na de dagen 27, 28, 29 en 30 juni 2002. (dus niet…)
Voor meer info over Roskilde: www.roskilde-festival.dk

40 years The Wall

40 Years ago on November 30th 1979 a landmark album was released by Pink Floyd: The Wall. An album that really did something to how people would listen to music. The following story is from Christopher on the Echoes mailinglist that, except for some differences in school settings (living in the Netherlands, no school uniforms, being already 15 when I first heard it in 1986, etc.), beautifully sums up what happened to me after some friends introduced me to the Wall…

… we came in.

In 1979 I turned 11 years old. By November 1979 I was a couple of weeks off finishing Grade 6 at Bulimba State School, a small, working class school in Brisbane. School was fun. I loved to learn stuff. My first school was a small country school with more dirt than bitumen or grass, and my second was this inner city school, with more bitumen than grass or dirt. Sitting atop the biggest hill in the area, we could see for miles in all directions; to the city in the west, the ocean in the east, and the vast sprawl of houses north and south. I was perfectly happy struggling up the hill each morning on my bicycle and then roaring down it each afternoon. Although I wasn’t saint like, I avoided trouble simply because it wasn’t worth it; it was easy, and far more fun, to actually do the work and follow the rules. But then, in November of 1979, this weirdly titled and very obscure guy called Pink Floyd told me I didn’t need an education. And like so many school kids across the world, I believed him.

Laughingly I assumed like many new fans that Pink Floyd was an individual. I don’t know why I thought this, but I thought this for a couple of years at least. The film clip to Another Brick in the Wall pt2 was mind blowing. Street tough kids, out of uniform no less, bizarre cartoons, kids getting minced up and scenes of a far away city that looked so different yet so similar to my own little world. I was there, in that group of school kids, singing to my heart’s content!

Just over a year after the single for Another Brick in the Wall pt2 came out, I was introduced to the album in a fairly spectacular way. Setting up for a school dance one Saturday afternoon, (I had joined the stage crew of my high school and among various duties, all of which basically sucked, we had to spend our afternoons and weekends setting up for various things) I had the pleasure of a sound check to go through. I was in the lighting crew, so had no control over the sound, but enjoyed whatever was on. This particular day, blaring out through the speakers at full volume was this heavy, full on sound that was most pleasing to the ear. A few songs in I suddenly heard a very familiar, yet unheard tune. Another Brick in the Wall, but with a different tempo and different words. It was the same tune and the same chorus. It sounded wonderful. I expressed my ignorance to the guy next to me, a year 11 student, who promptly pulled the piss. In one breathe he told me it was one long song and the single was just a bit of it, and that Pink Floyd was a band, an old one, not a bloke, not a young one! He then told me to sit down and get ready for the next bit.

The next bit was a helicopter fading up to a roar followed by yet more full on music that built up to an almighty scream that was all at once swallowed by that all too familiar and well and truly entrenched favourite song. The song went on for longer, there was teacher talk fading into a phone ringing and then more. More wonderful sounds, song after song. And yet another version of Another Brick in the Wall before it finally, quietly ended. All the sound effects, the noises, the conversations, the up and down music. And it was telling a story. Stories in music were nothing new to me. But stories in full, loud, pounding, kick you in the face kind of music was something I wasn’t expecting. It was all too wonderful. Try as I might, the sound guys wouldn’t put it on again. But life had changed. I had absolutely no idea how much. But life had changed forever.

As soon as possible I was off into the city in the next few days, and I still remember coming home over the Story Bridge on my way home and looking at the artwork on the inner gatefold of my very own, first copy of Pink Floyd’s The Wall. A huge arse was smiling back at me, the teacher was there, who I was all too familiar with from the film clip, along with a whole bunch of other figures who I knew nothing about. There were all these words and low and behold, there were two albums. Not only was I about to be blown away again by what I had heard a few days earlier, but there was another record as yet unheard! How utterly
fantastic.

And how utterly fantastic it was! Within days I could now call myself a Pink Floyd fan; they were my favourite group having released my favourite song and my favourite album. In 1988 I had the grand pleasure of seeing Pink Floyd live and I sobbed and sobbed, again and again at the sheer emotional joy of such an experience. I have seen Roger Waters (founding member and key song writer on The Wall) 9 times, 3 of them performing The Wall; yes, I sobbed every time. Behind my wife and son, Pink Floyd in general and The Wall in particular come third in giving me a truly wonderful life full of joy and passion; and quite a few moments of tears. It’s exactly 40 years since the life of The Wall began, today, November 30, 1979. The link below is a bit of fun by me showing off a few of the copies I own; along with all sorts of bits and pieces associated with the album. Enjoy.

Isn’t this where…

Rock On
Christopher

i am remotely morty